“Je bent net afgestudeerd, hebt een hartstikke leuk leven en gaat werken. Iedere ochtend kom je binnen en ga je vier uur zitten. Tussendoor haal je koffie, maak je een praatje of ga je naar de wc. En dan is het tijd voor lunch met je collega’s. In de kantine neem je de specialiteit van de dag. Je gaat weer zitten, roept ‘fijne avond’ en de dag is voorbij.”

“Na negen maanden werken als accountmanager was ik acht kilo zwaarder. Ik had ’s avonds geen energie meer om van de bank af te komen en pudding gemaakt van mijn hersenen door zitten en slecht eten. Collega’s met kinderen vertelden dat ze, na uren per dag in de auto, ’s avonds geen energie hadden om samen iets leuks te doen. Binnen een jaar besloot ik dat dit niet de manier was waarop ik tot mijn pensioen wilde werken. Dat vooruitzicht was voor mij een nachtmerrie.” Het is inmiddels vijf jaar later. We bevinden ons in het kantoor van EnergyPlatform, waar Tijs Koedam vertelt waarom hij dat bedrijf samen met compagnon Frans van Leeuwen begon. “Uit pure persoonlijke frustratie”, aldus Koedam. EnergyPlatform helpt organisaties met vraagstukken op het gebied van vitaliteit en gezondheid.

Kunstgras en sokken

Het kantoor van EnergyPlatform lijkt in niets op het kantoor uit zijn periode als accountmanager. Het hoofdkwartier van EnergyPlatform is gevestigd in het voetbalstadion van FC Utrecht en kijkt uit op de grasmat. In de open ruimte van het

kantoor ligt kunstgras op de vloer. Naast strandstoeltjes en een hangmat spotten we een draaitafel en pingpongtafel. Aan de gezichten van collega’s lees je af dat er op een ontspannen manier hard gewerkt wordt. Een enkeling loopt op sokken, want als je je thuis voelt, kom je tot betere prestaties én het is goed voor je doorbloeding.

Waaruit bestond jouw persoonlijke frustratie? Waarom hebben jullie EnergyPlatform opgericht? “Als accountmanager vlogen de salestrainingen, targets en forecasts me om de oren. Wat ik heel erg miste was de vraag: ‘Tijs, wat heb jij nou van mij nodig om jouw targets te halen?‘ Misschien had ik wel iets heel anders nodig dan die salestrainingen. Het is mijn grootste doel dat zoveel mogelijk mensen iedere dag het beste uit zichzelf halen en genieten van het leven. We willen mensen op een positieve manier inspireren, motiveren en stimuleren om dat doel te bereiken.” Hoe kun je mensen inspireren, motiveren en stimuleren om vitaler te worden? “Door persoonlijke aandacht te geven, te luisteren naar wat iemand nodig heeft en te begrijpen wat een collega intrinsiek motiveert om vitaler te worden. Vrijwel iedereen is te motiveren. Bijvoorbeeld door het vooruitzicht om te kunnen voetballen met kleinkinderen of om met een gezonde portie zelfvertrouwen op date te gaan. Daarnaast is het van groot belang dat we mensen positief stimuleren. Wij zien een gesprek met een coach of psycholoog als een van de mooiste dingen die je kan overkomen. Dat zou iedereen een keer moeten doen! Die boodschap is heel anders dan ‘volgens mij moet jij eens met iemand gaan praten’.” Jij nam zelf verantwoordelijkheid om iets te veranderen in jouw leven. Nu help je bedrijven bij het werken aan de vitaliteit van medewerkers. Moeten werknemers niet gewoon zelf zorgdragen voor hun gezondheid? Waarom zou je je er als werkgever mee bemoeien? “Uiteindelijk is iedereen verantwoordelijk voor zijn eigen gezondheid en geluk. Je kunt als werkgever mensen wel inspireren om elke dag het beste uit jezelf te halen.

Cadeautje

Wij zien dat echt als een cadeautje voor medewerkers. Je moet werknemers niet verplichten om aan een vitaliteitsprogramma deel te nemen. Je kunt ze inspireren en daarna is de keuze aan de medewerker zelf. De investering die je als werkgever doet, verdient zich dubbel en dwars terug. En laten we wel wezen, het is toch ook gewoon een stuk prettiger samenwerken als iedereen wat energieker en vitaler is?”

Welk advies geef je werkgevers op het gebied van vitaliteit?

“Je kunt als werkgever niet verwachten dat iemand 40 uur in de week productief is wanneer je diezelfde persoon de hele dag op een stoel in een inspiratieloze omgeving neerzet en goedkope frikandellen voorschotelt. Daar is ons lichaam simpelweg niet voor gemaakt. Ik adviseer om te investeren in amplitie: het krachtiger maken van de mensen in de organisatie en het versterken vanuit positiviteit. Richt je niet alleen op de risicogroep, maar zorg goed voor de mensen in de organisatie die al heel waardevol zijn. Maak die mensen nog beter. Dat werkt aanstekelijk en zo zorg je ervoor dat die groep gaat groeien. Collega’s die ineens zichtbaar energieker, vrolijker en fitter op het werk verschijnen, zijn het beste middel om de grote middengroep ook te enthousiasmeren om aan de slag te gaan. Uiteindelijk gaat het maar om één ding, gedragsverandering. Hoe kunnen we het gedrag van mensen beïnvloeden zodat zij zelf andere keuzes gaan maken? Creëer een beleving! Positieve aandacht voor vitaliteit maakt je ook aantrekkelijker als werkgever.” En die medewerkers, wachten zij af tot hun werkgever hen ‘vitaal gaat maken’? “Zeker niet. Het is heel makkelijk om achterover te leunen en af te wachten tot je werkgever jou iets aanbiedt. Mijn stap om mijn baan op te zeggen was misschien wat radicaal. Je kunt je ook verenigen met collega’s en bespreekbaar maken wat je ziet. Er zullen mensen zijn die graag meer bewegen of graag aanpassingen willen in het bedrijfsrestaurant. Maar je kunt ook denken aan verschillende manieren om makkelijker te ontspannen. Muziek op de werkvloer, bijvoorbeeld, of rustruimtes. Na drie uur zitten is je hersenactiviteit dusdanig laag dat je motivatie, creativiteit en besluitvaardigheid aanzienlijk dalen. Bewijzen dat je productiever bent als je meer beweegt en gezonder eet, vind je overal. Het lijkt me dat werkgevers daar wel oren naar zullen hebben.”

En verder?

“Ik vind het heel belangrijk dat mensen weten dat wij absoluut geen gezondheidsgoeroes zijn die zeggen dat je nooit bier mag drinken en kroketten mag eten. Ontspanning, plezier en leuke dingen vormen de basis van ons bestaan. Op zondag na het voetballen gun ik mezelf een Mexicano met pindasaus, maar op maandagmiddag tijdens de lunch heb ik daar alleen mezelf mee.”

Interview door Marloes Prinsen